Terug naar het overzicht
Delen: Dit nieuwsbericht delen:
16 okt 2017

De laatste tijd is er veel te doen geweest over de Wet Deregulering Beoordeling Arbeidsrelaties (Wet DBA) en de modelovereenkomsten om te voorkomen dat een zzp-er wordt beschouwd als werknemer. De oude VAR-verklaringen werden op 1 mei 2016 vervangen door de Wet DBA, die pas vanaf 1 juli 2018 zou worden gehandhaafd (behoudens opzettelijk misbruik).

De Wet DBA leverde meer onrust op dan dat er helderheid ontstond. Bovendien is nog steeds sprake van schijnzelfstandigheid en concurrentie op arbeidsvoorwaarden. In het regeerakkoord is daarom besloten de Wet DBA te vervangen door een nieuwe wet die enerzijds (de inhuurder van) echte zelfstandigen zekerheid biedt dat geen sprake is van een dienstbetrekking en anderzijds schijnzelfstandigheid voorkomt.

De laatste tijd is er veel te doen geweest over de Wet Deregulering Beoordeling Arbeidsrelaties (Wet DBA) en de modelovereenkomsten om te voorkomen dat een zzp-er wordt beschouwd als werknemer. De oude VAR-verklaringen werden op 1 mei 2016 vervangen door de Wet DBA, die pas vanaf 1 juli 2018 zou worden gehandhaafd (behoudens opzettelijk misbruik).

De Wet DBA leverde meer onrust op dan dat er helderheid ontstond. Bovendien is nog steeds sprake van schijnzelfstandigheid en concurrentie op arbeidsvoorwaarden. In het regeerakkoord is daarom besloten de Wet DBA te vervangen door een nieuwe wet die enerzijds (de inhuurder van) echte zelfstandigen zekerheid biedt dat geen sprake is van een dienstbetrekking en anderzijds schijnzelfstandigheid voorkomt.

Wat zijn de plannen?

  • Er zal altijd sprake zijn van een arbeidsovereenkomst als een zzp-er een laag tarief ontvangt in combinatie met een langere duur van de overeenkomst of een laag tarief in combinatie met het verrichten van reguliere bedrijfsactiviteiten. Van een laag tarief zal vermoedelijk sprake zijn bij een tarief tussen EUR 15 en EUR 18 per uur. Een overeenkomst is van langere duur als deze langer dan drie maanden duurt.
  • Voor zzp-ers aan de “bovenkant” van de markt komt een “opt out” mogelijkheid voor de loonbelastingen en werknemersverzekeringen. Wanneer sprake is van een hoog tarief in combinatie met een kortere duur van de overeenkomst of een hoog tarief in combinatie met het niet verrichten van reguliere bedrijfsactiviteiten kan hiervoor gekozen worden. Bij een hoog tarief denkt het kabinet aan EUR 75 per uur of hoger, een kortere duur betekent korter dan een jaar.
  • Voor zelfstandigen tussen het hoge en lage tarief (dus tussen circa EUR 15/18 en EUR 75 per uur) komt een “opdrachtgeversverklaring”. Net als de vroegere VAR moet deze verklaring opdrachtgevers vooraf zekerheid geven bij de inhuur van zelfstandigen.

Het kabinet wil hiervoor een webmodule ontwikkelen, met vragen over de aard van de werkzaamheden en de gezagsverhouding.

Naast de concrete plannen gaat het kabinet verkennen of zelfstandig ondernemerschap een eigen plek kan krijgen in het Burgerlijk Wetboek. Dat zou de positie van zelfstandig ondernemers verbeteren. Bovendien wordt bekeken hoe de verzekeringsgraad van zelfstandigen voor arbeidsongeschiktheid kan worden verhoogd. Belangrijk is dat zelfstandigen bewust kunnen kiezen om zich wel of niet te verzekeren.

Wat zijn de verwachtingen?

In 2014 werden voorstellen gedaan voor de”Beschikking Geen Loonheffing” (BGL) als vervanging van de VAR. De huidige voorstellen lijken daar sterk op. De BGL ging niet door: de Belastingdienst zou de benodigde automatisering niet kunnen invoeren en de administratieve lastendruk voor opdrachtgevers en opdrachtnemers zou te hoog worden.

Uit het regeerakkoord blijkt – misschien wel daarom – niet wanneer de Wet DBA moet verdwijnen. Volgens het regeerakkoord wordt het huidige handhavingsmoratorium na invoering van de nieuwe wet gefaseerd afgebouwd. Dat moratorium geldt vooralsnog tot 1 juli 2018, maar de kans is groot dat dat wordt verlengd. Na de invoering van de nieuwe wet wordt nog maximaal een jaar een terughoudend handhavingsbeleid gevoerd. Daarbij worden bijvoorbeeld geen boetes opgelegd na een eerste controle. De Belastingdienst moet partijen gaan helpen bij de toepassing van de nieuwe regelgeving.